Het begin.
De geschiedenis van Fiat gaat terug tot eind negentiende eeuw. In 1899 wordt het bedrijf Fabbrica Italiana Automobili Torino (FIAT) opgericht. De eerste Italiaanse autofabriek gaat open in 1900. Aangezien Fiat ambitieus is, kijkt de onderneming al snel naar het buitenland en vestigt zich in 1908 in de Verenigde Staten. Maar daar blijft het niet bij, want binnen enkele jaren wordt de volledige productie vernieuwd. De auto's worden uitgerust met elektrische accumulatoren, de cardanaandrijving wordt uitgevonden, en Fiats blinken uit in de autocompetities.
Massaproductie
Midden jaren twintig start Fiat met serieproductie - de enige manier om de kostprijs van de wagens te drukken. In 1934 en 1936 zien twee modellen het levenslicht die representatief zijn voor die periode: de om zijn zuinigheid geprezen Balilla, en de Topolino. Die laatste is 's werelds kleinste auto en zal gebouwd worden tot 1955. Na de tweede wereldoorlog neemt Fiat een frisse start en richt zich resoluut op onderzoek en innovatie. Ook in andere sectoren dan de autosector, zoals verwarming en ventilatie.
De economische boom
1955 is het geboortejaar van de Fiat 600. In 1957 start de productie van de nieuwe Fiat 500. De economische groei gaat verder en de auto wordt voor alsmaar meer mensen een dagelijks gebruiksvoorwerp. Na de Fiat 850 is er de Fiat 127, de eerste Fiat met voorwielaandrijving.
Grote ambities in een concurrentiële markt
1980: de Panda komt op de markt. 1982: eerste presentatie van de Uno die twee jaar later Auto van het Jaar wordt. Een wapenfeit dat de in 1988 gelanceerde Tipo in 1989 overdoet. In 1993 doet naast de Punto ook de Fiat Coupé zijn opgemerkte intrede. Met de Ulysse vindt Fiat in 1994 ook zijn plaats in het monovolumesegment.

Fiat zet de bakens uit voor de toekomst. In de enorm concurrentiële automarkt wil het merk innovatieve technologie en originele oplossingen aanbieden tegen evenwichtige prijzen. Een ambitie die Fiat in 1998 hard maakt met de presentatie van de stadswagen Seicento en de avantgardistische Multipla.

Een veelbelovend nieuw millennium
Fiat zet het nieuwe millennium in met de Stilo in 2001, en met de totaal nieuwe Fiat Ulysse en de Stilo Multi Wagon in 2002. Datzelfde jaar wordt ook de Multipla gerestyled. In 2002 krijgt de Punto een facelift - een schot in de roos dankzij onder meer de alom geprezen 1.3 MultiJet 16v dieselmotor. Die laatste doet het ook uitstekend in de nieuwe kleine monovolume Idea. De nieuwe Panda komt er in 2003, om prompt verkozen te worden tot Auto van het Jaar 2004. Financieel maakt Fiat turbulente tijden door. Maar ondanks de wildste geruchten houdt het automerk het hoofd boven water. Niet in de laatste plaats omdat de veelzijdige Fiat-groep het goed blijft doen in al haar andere sectoren: vrachtwagens, landbouwmachines, verzekeringen, metaalindustrie, luchtvaart, productiemachines, uitgeverij, communicatie en informatica.

Na die moeilijke periode breekt in 2005 de heropstanding van het automerk Fiat aan. De Grande Punto bekoort vriend en vijand met zijn sublieme design en geavanceerde technologie. De Bravo gaat verder op hetzelfde elan. En met de 'multiwagon' Croma toont Fiat zich opnieuw van zijn meest creatieve kant. Het bedrijf heeft de wind in de zeilen en mag zich anno 2007 verheugen in een steil klimmende beurswaarde en een benijdenswaardige status als een van 's werelds meest winstgevende autobouwers. Winst die Fiat meteen investeert in de ontwikkeling van de wagens van morgen. Want we zijn niet van plan onze voorsprong van de laatste jaren zomaar uit handen te geven.